Dutch-German: Money and payments
Money and payments
- Accepteert u contant geld?Akzeptieren Sie Bargeld?
- Waar is de geldautomaat?Wo ist der Geldautomat?
- Dat is te duur.Das ist zu teuer.
- Ik wil graag betalen.Ich möchte bezahlen.
- Hebt u wisselgeld?Haben Sie Kleingeld?
- Ik kijk alleen even.Ich schaue mich nur um.
- Kan ik contant betalen?Kann ich bar bezahlen?
- Ik kan het me niet veroorloven.Das kann ich mir nicht leisten.
- Kunt u dit wisselen?Können Sie das wechseln?
- Waar is de bank?Wo ist die Bank?
- Ik ben mijn kaart kwijt.Ich habe meine Karte verloren.
- Mag ik een bonnetje?Bitte geben Sie mir eine Quittung.
- Accepteert u creditcards?Akzeptieren Sie Kreditkarten?
- Ik betaal nu.Ich bezahle jetzt.
- Kan ik dit retourneren?Kann ich das zurückgeben?
- Ik wil mijn geld terug.Ich brauche eine Rückerstattung.
- Zijn er kosten aan verbonden?Fällt eine Gebühr an?