Russian-Dutch: phrases and idioms
Idioms
- Бить баклушиLekker niksen
- Вешать лапшу на ушиIemand een rad voor ogen draaien
- Семь пятниц на неделеHet ene moment zus, het andere zo
- Как об стенку горохAan dovemansoren gezegd
- Не всё коту масленицаNa regen komt zonneschijn
- Когда рак на горе свистнетAls Pasen en Pinksteren op één dag vallen
- Ни пуха ни пераSucces!
- Делать из мухи слонаVan een mug een olifant maken
Greetings
Basics
Travel
Food and drinks
Shopping
Emergencies
At the hotel
Public transport and taxi
Asking for directions
At the airport
Money and payments
Time and dates
Weather
Health and the doctor
Family
Work and office
Business and meetings
School and studying
Computers and technology
Phone and internet
Feelings and emotions
Love and romance
Small talk
Compliments and praise
Apologies and excuses
Holidays and wishes
Sports and fitness
Hobbies and leisure
At home
Renting an apartment
Bank and post office
Police and documents
- Где находится полицейский участок?Waar is het politiebureau?
- Я потерял паспорт.Ik ben mijn paspoort kwijt.
- Вот моё удостоверение личности.Hier is mijn identiteitsbewijs.
- Покажите ваши документы.Laat me uw papieren zien.
- Я хочу заявить о краже.Ik wil aangifte doen van diefstal.
- У меня украли кошелёк.Mijn portemonnee is gestolen.